Beschouwingen van een Hollands meisje in Andalusië

Beschouwingen van een Hollands meisje in Andalusië

Een Andalusische bruiloft op het strand

Een Andalusische bruiloft op het strand

‘Wat vind jij er nou van? Moet dat nou echt?’

Veel van onze vrienden zijn getrouwd, de meesten van hen op latere leeftijd. We hebben hun bruiloften meebeleefd, hun blijdschap gedeeld, hun geluk gevierd maar waar het onszelf aangaat zijn we nog niet zo zeker van onze zaak.
We zijn toch immers al geregistreerde partners? Een keuze, gemaakt uit zakelijk oogpunt en daarmee was voor ons de kous af.

Die maandagochtend in Juli, nu acht jaar geleden, wandelden we om half negen in de ochtend naar het Deventers gemeentehuis met vier getuigen. Voor de gelegenheid hadden we ons netjes gekleed. Vriendin Mariel drukte me op de valreep nog een enorm boeket in de handen. ‘Anders is het zo kaal’, redeneerde ze.
De ambtenaar van de burgerlijke stand hield zijn praatje, er werd getekend en een uur later waren we weer thuis. Het enige feestelijke aspect bestond uit een champagne-ontbijt die ik nog snel even in elkaar geknutseld had voor ons clubje van zes. Als cadeau kregen we een halfje gesneden witbrood en om twaalf uur zaten we, een tikje beneveld, weer achter onze bureau’s. Er moest gewerkt worden.
Nog steeds vinden we het hele trouwgebeuren op z’n zachts gezegd een beetje dubieus. De liefde is er, de papieren zijn er, testamenten liggen in de lade dus waarom zouden we?

Enige avonden terug zaten we op ons terras en keken gelukzalig uit over de baai van Malaga. Hoe het kwam weet ik niet meer maar plots kwam het gesprek op een kleine bruiloft aan het strand. Onze bruiloft!!! Alleen met goede vrienden en familie, uiteraard. Geen toeters en bellen vanzelfsprekend. Nee, gewoon, een leuk feestje, opperde mijn doorgaans zo nuchtere Alexander. En dan beginnen zoals altijd al mijn radartjes op volle toeren te draaien.

Er ligt voor ons beiden nog wel wat wits in de kast dus dat is alvast klaar en ik knip wel wat jasmijn van een struik bij wijze van boeket maar dan… en op mijn vingers tel ik na: een ambtenaar van de burgerlijke stand, de huur van een strandtent, muziek, hapjes, drankjes en diner voor een man of zestig waarvan er zo’n twintig moeten worden ingevlogen en van onderdak moeten worden voorzien.
Na enig grondig telwerk besluiten we dat we dat een trouwpartijtje dan misschien wel grappig zou kunnen zijn maar dat we voor dat geld wel wat leukers kunnen verzinnen.
Een enorme buitensauna met jacuzzi, mijmer ik. Vier maanden reizen door Afrika, oppert mijn liefste opgetogen. Een flinke aanbetaling op een vakantiehuisje aan het strand, doe ik een duit in het zakje. Een ‘nieuwe’ tweedehands Land Rover, juicht de man naast mij op de bank.
Vervolgens kijkt hij me aan en zegt trouwhartig: ‘Weet je, als we ooit eens veel geld over hebben vraag ik je ten huwelijk, oké?’

U kunt de uitnodiging voor het bijwonen van ons huwelijksfeest met een beetje geluk over een jaar of vijftien verwachten.